| |
In
het jaar 2000 werd de Iraanse cineast Mohsen Makhmalbaf benaderd door de
jonge Afghaanse journaliste Niloufar Pazira. De naar Canada uitgeweken
vrouw verzocht de regisseur haar te vergezellen op een tocht door
Afghanistan. Doel van de reis: een in Kandahar wonende wanhopige
vriendin van zelfmoord afhouden. Makhmalbaf ging niet in op het verzoek,
maar reisde later wel clandestien door Afghanistan.
Hij
werd getroffen door de barbaarse omstandigheden waarin de bevolking
verkeerde. Geschokt besloot Makhmalbaf een deel documentaire, deels
fictieve film te maken over een door de wereld vergeten regio. Pazira zelf vertolkt de rol van journaliste die een
levensgevaarlijke reis onderneemt door het rijk van de Taliban. Haar jongere zus, die in Afghanistan is
achtergebleven, schrijft haar een wanhopige brief. Ze kondigt aan dat ze
zelfmoord zal plegen net voor de komende zonsverduistering. Nafas
beslist om terug te gaan naar Afghanistan en haar zus te helpen die zich
in Kandahar bevindt. Ze vliegt naar Iran en probeert van daaruit
clandestien de grens over te steken…
Kandahar
is een felle aanklacht tegen humanitaire onverschilligheid en politiek
cynisme, maar zeker geen eenduidig politiek pamflet. De estheticus
Makhmalbaf toont niet alleen de gevolgen van twintig jaar
(burger)oorlog, maar schildert ook de schoonheid van het Afghaanse
landschap en laat de vrouwonderdrukkende burka zien als gewaad van
oosterse mysterieuze schoonheid.
Officiële
Competitie, Cannes 2001 - Prijs van de Oecumenische Jury
|
 |